Gymnastiserend grondwerk

Gymnastiserend Grondwerk is het derde onderdeel van het Horsefulness-trainingssysteem en bestaat uit het longeren en het werk aan de hand.   De naam zegt het al:  we gymnastiseren het paard, maw we zorgen ervoor dat het paard soepeler en sterker wordt en dat het zich losgelaten en rechtgericht kan bewegen.  Zo kan het de ruiter beter dragen  (of bij het mennen de koets beter trekken).  Er ontstaan geen overbelastingen meer omdat het paard in evenwicht en balans loopt en de achterhand buigzamer en sterker wordt gemaakt.
Is een paard dan niet van nature in staat een mens te dragen op zo’n manier dat het zijn lichaam niet beschadigd?  Neen! Een paard is niet “gemaakt” om iets op zijn rug te dragen.  Toch doen we dit.
Elk paard  (en elk ander wezen in de natuur) heeft een natuurlijke scheefheid.  Zo heeft elk paard een kant met soepele en lange spieren, en een kant met korte en stijve spieren.  Daardoor buigt het beter in aan 1 kant dan aan de andere kant.  Dit noemt men ook wel de “laterale scheefheid”.  Het paard heeft ook een meer stuwend en een meer dragend achterbeen, wat je een “onbalans in de achterbenen” kan noemen.  Voor het paard zelf is dit geen enkel probleem, het speelt zelfs in zijn voordeel, maar wanneer je het paard wil gaan berijden of op een andere onnatuurlijke manier wil belasten (bvb  voltigewerk, mennen, …) dan moet het paard leren om zijn lichaam gelijkmatig te gebruiken.  Indien dit niet gebeurt, dan is het mogelijk dat het paard na een tijd te maken krijgt met blessures en/of gedragsproblemen vanwege de last dat het ondervindt.   Het is natuurlijk niet altijd zo erg.  Misschien overkomt je dit nu ook met je paard : het valt bvb rechtsom op de schouder of het loopt over de schouder tijdens het longeren of het rijden.  Je paard kan op de ene hand zijn oefeningen beter dan op de andere hand, of jouw paard is niet nageeflijk, het loopt niet “losgelaten”, …

Dit jonge paard heeft nog last van zijn natuurlijke scheefheid. Op een volte buigt hij niet correct, hij treedt niet goed naar voor met zijn achterbeen en stuwt meer dan dat hij draagt. Gymnastiserend grondwerk is de oplossing om deze natuurlijke scheefheid aan te pakken.

Heel wat rijproblemen zijn dus het gevolg van de natuurlijke scheefheid in het lichaam van het paard. Dit kan gelukkig voorkomen worden door gymnastiserend grondwerk te doen, zoals longeren en werk aan de hand.  Het voordeel hiervan is, dat het paard zich eerst leert te ontspannen, zijn spieren rekt en strekt, andere spieren sterker en krachtiger maakt en zijn achterhand buigzamer, zonder het bijkomende gewicht van de ruiter.  Nadien, zal je uiteraard ook onder het zadel moeten verder werken aan het rechtrichten en gymnastiseren van je paard.

Bij de volte aan de hand of aan de longe leer je het paard correct buigen en met zijn binnenachterbeen richting zijn zwaartepunt (= rode bol) treden. Enkel als een paard goed buigt zal hij voorwaarts-neerwaarts gaan bewegen. (bron tekening: paardenbegrijpen.nl)

Het werk aan de hand heeft dus als voornaamste doel het paard recht te richten (= de natuurlijke scheefheid in evenwicht brengen), soepel te maken en de buigzaamheid in de achterhand te vergroten.  Alle oefeningen die aan de hand worden gedaan zullen later onder het zadel aangeleerd worden. Doordat je deze oefeningen reeds aan de hand hebt aangeleerd, zal het paard ze ook onder het zadel, beter begrijpen.

Dit paard valt op de schouder. Men noemt dit de verticale scheefheid. De rechterschouder van dit paard wordt overbelast. Dit kan nare gevolgen hebben...

 
Daarnaast is er het longeren met als doel het paard de juiste lengtebuiging aan te leren in beide richtingen in alle 3 de gangen.  Wanneer het paard correct buigt op de volte zal het de de binnenste spieren van de rug en buik en de tussenribspieren aanspannen, terwijl het de buitenste spieren loslaat en oprekt.  Daardoor gaat het in een voorwaarts-neerwaartse houding lopen en wordt het het binnenachterbeen onder de massa gebracht.  Een paard dat in deze juiste lengtebuiging loopt, beweegt losgelaten en nageeflijk.  Het heeft als gevolg dat de van nature korte en stijve spieren langer en soepeler worden en zijn soepele en lange spieren sterker worden.
Bij deze oefeningen is het van groot belang dat de longeerlijn niet onder spanning staat.  Want wanneer er teveel druk is, dan gaat het paard zijn buitenste spieren net korter maken als reactie hierop terwijl we net willen dat de buitenste spieren zich ontspannen.  Daarom trainen we tijdens het werk aan de hand zo dat het paard leert nageven op de binnenteugel en later dan op de longe.  Het paard moet “losgelaten” lopen.  Men zegt ook wel: “op eigen benen”, zonder ergens steun op te nemen.

Aanleren renvers, om de achterhand buigzamer te maken

Het is aan te raden je paard te gymnastiseren vooraleer je gaat rijden.  Eens je het kan is het meteen ook de perfecte opwarming.   Problemen zoals stijfheid in de rug,  links- of rechtgebogenheid,  hardheid in de mond,  over en op de schouder vallen,  …  kunnen ermee opgelost geraken.  Bovendien hoeft dit onderdeel van de training niet eens zo lang te duren vooraleer je merkbaar resultaat boekt.  Sommige paarden laten al een belangrijke verbetering zien na 1 week trainen!  Bovendien is het een echte gehoorzaamheidsoefening, dus ook op dat vlak brengt het alleen maar verbetering.  Paarden worden er zowel lichamelijk als mentaal rustig van.

Momenteel volg ik  bijkomende lessen en cursussen in de Academische Rijkunst, waar werk aan de hand een zeer belangrijk onderdeel van de africhting is.  Ik combineer dit met de manier van werken aan de hand dat ik tot nu toe toepaste (naar een Amerikaans model)

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>